‘Ik ben Marokkaans, lesbisch en doe mee aan Gay Pride!’

— Sorry, no English translation available now! —

54

 

Annemart van Rhee
1-8-14 – 10:52

Fatima vaart op eerste Marokkaanse boot ooit tijdens Gay Pride

Fatima vaart morgen bij Gay Pride in roze djellaba mee in de ‘Mocro-sloep’. Op Marokkaanse fora levert dat heftige reacties op. © FOTO UNITED.

Fatima (38) vaart morgen in Amsterdam mee op de eerste Marokkaanse boot ooit in de Gay Pride-vloot. ‘We zijn nu zichtbaar. Dit is het begin. Maar er is nog een lange weg te gaan.’ Haar deelname aan de roze vloot maakt heftige reacties los.

Ze werkt als arbeidsdeskundige bij een semi-overheidsinstelling, voelt zich Nederlandse en spreekt af en toe met een licht Twentse tongval. Maar Fatima – afkomstig uit een kleine gemeente uit het oosten van het land – is ook Marokkaans én lesbisch.

Publieke schaamte
Juist die combinatie blijkt de reden dat ze niet met naam en toenaam in de krant wil. Om haar ouders de publieke schaamte te besparen. Maar ook omdat ze geen zin heeft in virtuele achtervolgingen en scheldkanonnades via sociale media: de maidentrip van de ‘Mocro-sloep’ roept op Marokkaanse fora verhitte reacties op. Vies, ziek, eng, decadent en nog hardere krachttermen bewijzen dat homoseksualiteit ook anno 2014 uiterst gevoelig ligt.

Daarom weten veel van Fatima’s familieleden zowel in Nederland als in Marokko nog steeds niet dat zij op vrouwen valt. Terwijl zij al op haar 12de voor het eerst verliefd werd op een meisje. Collega’s en vrienden blijken wel op de hoogte van haar jarenlange worsteling die vooraf ging aan haar besluit om morgen in knalroze djellaba aan te monsteren op de aandachtstrekker uit deze Gay Pride-vloot.

Fatima is geboren en getogen in Twente, ze heeft een broer en een zusje. Haar ouders, die Nederlands spreken, voedden hun kinderen op met het geloof. ‘Maar niet heel streng.’ Er werd halal gegeten, de moeder draagt een hoofddoek, de dochters niet.

Eerste keer verliefd
Fatima: ‘Het eerste meisje op wie ik verliefd werd, was een klasgenote. Ik vond haar te gek, heel mooi en waanzinnig leuk. Ik wilde zoveel mogelijk bij haar zijn. Natuurlijk is er niks gebeurd. Ik was zo jong, dat ik niet kon benoemen wat ik voelde. Wist nauwelijks van verliefdheid, laat staan van homoseksualiteit. Want daarover werd thuis nooit gesproken. Dat bestond in ons universum gewoon niet.’

‘Toen ik ouder werd, kon ik er op een gegeven moment wel een naam op zetten. Maar ik wilde er niet aan, verdrong het. Omdat het geloof dat verbiedt en ook omdat het ideaalplaatje huisje-boompje-beestje aan diggelen zou gaan. Mijn ouders hadden dat voor mij in hun hoofd en ikzelf ook.’

‘Ik heb daarom ook nog een relatie met een man gehad en dacht werkelijk dat ik hem leuk vond, zo graag wilde ik dat. Maar er ontbrak iets. Ik bleef vrouwen leuker en interessanter vinden. Toen het uitging met hem, heb ik die gevoelens diep weggestopt in de hoop dat ze op den duur zouden verdwijnen.’

Verkocht
‘Tot ze in 2004 keihard naar boven kwamen. Ik schrok me kapot. Ik volgde een cursus. Zij was een docente. En op het moment dat ze het lokaal binnenstapte, was ik verkocht. Liefde op het eerste gezicht. Eerst dacht ik: nee dit kan niet. Maar zij had een soort onomkeerbaar proces in mij op gang gebracht. Ik bedoel: als je je zo goed door iemand voelt en haar zo leuk vindt, maakt het niet meer uit hoe het heet.’

‘Bijna een jaar heb ik erover gedaan die stap te zetten: ik ga het haar vertellen. En op het moment dat ik zover was, bleek ik te laat. Ze overleed aan de gevolgen van wat een onschuldige routine-ingreep had moeten zijn in het ziekenhuis.’

‘Jij blijft mijn dochter’
Haar verdriet deelde zij alleen met haar beste vriendin. Tegenover haar familie zweeg zij eerst in alle talen. Vragen of opmerkingen over mogelijke mannen in haar leven werden afgedaan met een kort: ‘te druk’ of ‘de ware nog niet tegengekomen’.

‘Maar het persoonlijke proces dat bij mij in gang was gezet, bleef doorgaan. Wie ben ik? Wat wil ik? Hoe nu verder? In 2008 durfde ik uit de kast te komen. Na drie eerdere mislukte pogingen heb ik het eerst aan mijn moeder verteld. Ik nam haar daarvoor speciaal mee naar het winkelcentrum. Neutraal terrein, weg van huis. Ze reageerde geschokt, vond het pijnlijk maar zei: jij blijft wel mijn dochter. Ook mijn vrienden en collega’s reageerden positief net als mijn broer en zusje.’

‘Mijn vader weet het niet, de rest van de familie evenmin. Ik heb nooit over dat soort dingen met hem gepraat en ik ga die confrontatie pas op het allerlaatste moment aan: als ik een vriendin heb die ik wil voorstellen. Nu ben ik nog bang voor de reacties. Om diezelfde reden heeft mijn moeder er ook nooit met haar vrienden over gesproken.’

‘We gaan nog regelmatig naar Marokko om familie op te zoeken. Homoseksualiteit is daar officieel strafbaar. Ik wil daar wel in de toekomst naartoe kunnen blijven gaan. Dus het is beter om het er niet over te hebben.’

Wonen in Amsterdam
Onlangs verruilde Fatima vanwege haar werk Twente – bepaald geen roze streek – voor Amsterdam. Het voelde als thuiskomen, een bevrijding, vertelt zij. ‘Niet alleen vanwege de speciale verenigingen en kroegen. Maar omdat iedereen homoseksualiteit normaal vindt. Je kunt er gewoon over praten. Er heerst een sfeer dat niemand het gek vindt als iemand pats-boem uit de kast komt. Dat was ik door Hengelo en mijn cultuur niet gewend. Sowieso: hoe zuidelijker je gaat, des te ingewikkelder het is om uit de kast te komen.’

Homofobie onder Marokkanen is een onderwerp dat bij haar moeilijk ligt. Het lijkt of ze in een mentale spagaat gaat, bijvoorbeeld als ze wordt gewezen op schrijnende gevallen als het wegpesten van een homostel uit de Utrechtse wijk Terwijde. Volgens Fatima maken allerlei autochtone en allochtone groepen zich even hard schuldig aan het terroriseren van gays.

Religie en groepsdruk
Wel is zij ervan overtuigd dat veel Marokkaanse homo’s en lesbiennes die dezelfde worsteling als zij meemaken uiteindelijk niet voor hun geaardheid durven uit te komen. Vanwege religie en vanwege de groepsdruk die wij niet kennen.

‘Nederlanders zijn veel individualistischer. Je kunt je eigen keuzes maken. Ik geloof nog steeds en denk bijvoorbeeld dat het prima samengaat met homoseksualiteit. Het een sluit het ander niet uit. Ik hoop dat anderen dat gaan accepteren. Ook doordat we nu zichtbaar zijn met onze boot. Voor mij het symbool dat je je durft te laten zien.’

‘Maar ik realiseer me dat het slechts het eerste stapje is. Er is nog een lange weg te gaan, het gaat nog jaren duren, de Nederlandse homo-emancipatie kwam ook niet in één klap van de grond.’

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.